Reeks Bouwstenen Circulariteit

Bouwstenen Circulariteit

In 2018 is de Transitieagenda Circulaire Bouweconomie (CBE) opgesteld, als onderdeel van De Bouwagenda. Het is een vervolg op het Grondstoffenakkoord uit 2017, het werk van de SER en het Rijksbrede programma ‘Nederland circulair in 2050’. Doel is 100% circulair bouwen in 2050; woningbouw, utiliteitsbouw en de grond-, weg en waterbouw. Het Transitieteam CBE is een samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en wetenschap, en verantwoordelijk voor de uitvoering. Meer informatie, nieuws, rapporten, films, interviews, voorbeeldprojecten en subsidieoverzicht vind je op www.circulairebouweconomie.nl.

Klik op de boekjes om verder te lezen

 

Deze reeks bouwstenen ‘Corporaties en circulariteit’, is gemaakt in opdracht van het Transitieteam Circulaire Bouweconomie en het Ministerie Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Duurzaamheidsakkoord Den Bosch

In Den Bosch werken partijen samen aan het duurzaamheidsakkoord ondertekend door de corporaties, Stedelijk Huurdersplatform (SHP), de gemeente en het waterschap. De corporaties JOOST, BrabantWonen, Zayaz en Mooiland werken onder andere samen aan circulariteit. De eerste actie was, een aantal jaar geleden, om samen de materialen in- en uitstroom in kaart te brengen. Op basis daarvan is een routekaart opgesteld. Daarnaast wisselen zij kennis uit op projectniveau. Partijen zijn bezig met een update van het duurzaamheidsakkoord. Leer van de ervaring in Den Bosch.

De corporaties delen hoe de partijen in Den Bosch samenwerken om meer circulair te werken en gaan in op het duurzaamheidsakkoord en de update daarvan.

Orjan Game, BrabantWonen gaat in op Biobased Boschveld. Een project waar 4 traditioneel vergunde eengezinswoningen zijn ‘omgekat’ tot biobased woningen. BrabantWonen deelt hoe ze dit proces hebben doorlopen en waar ze staan in de uitvoering. 

Groene Huisvesters deelt de bouwsteen ‘Databank bouwmaterialen’.

Woningcorporaties helpen om de komende jaren versneld concrete stappen te zetten naar circulair (ver)bouwen. Dat is het doel van het Versnellingslab circulair bouwen, het nieuwe, (meerjarige) leer- en ontwikkelprogramma van Groene Huisvesters, Cirkelstad, Alba Concepts, Aedes en Platform31. Wat het lab jou kan bieden en hoe je als corporatie kunt aansluiten, hoor je tijdens deze sessie.

Tuinen


Welke aanpakken en tools gebruiken corporaties om huurders te stimuleren de tuin te vergroenen? Wat levert de samenwerking met de gemeente op? Hoe betrek je bewoners bij het proces van een gemeenschappelijke binnentuin? 

Welke aanpakken en tools gebruiken corporaties om huurders te stimuleren de tuin te vergroenen? Wat levert de samenwerking met de gemeente op? Hoe betrek je bewoners bij het proces van een gemeenschappelijke binnentuin? 

Groene Huisvesters Tuinengroep presenteert de Toolbox Tuinen. Een inkijk in 16 inspirerende verhalen en voorbeelden van corporaties die met bewoners en tuinen aan de slag zijn gegaan. Deze keer staan de collectieve tuinen centraal. Hoe kom je met bewoners tot een groene aangename woonomgeving die ontspanning en verkoeling biedt en welke rol speelt gedragsverandering daarin?

Judith Klostermann, WUR, gaat in op het afwegingskader voor huurdersparticipatie in groenere privé en collectieve tuinen. Dit afwegingskader is ontwikkeld met corporaties die samenwerken in Prettig groen wonen waaraan ook Groene Huisvesters verbonden is.

Evelein Mesman, Zeeuwland en Anke Struijs Alwel nemen je mee in een aantal voorbeelden van samenwerken met huurders aan tuinen.

Neem jouw huurdersorganisatie mee naar deze sessie en leer van de praktijk!

Sturen op circulaire waarden

 

Woningcorporaties die circulair willen werken, kunnen daar bij de uitvraag voor een project al rekening mee houden, door de eigen ambities te verwerken in de uitvraag. Materialen die vrijkomen bij sloop, de zogenoemde uitstroom, worden zoveel en zo hoogwaardig mogelijk opnieuw gebruikt. Deze zogenoemde instroom wordt gebruikt bij bijvoorbeeld renovatie of nieuwbouw.

Carlijn Stoof, Woonstad Rotterdam gaat in op de aanpak om bij elk contract of overeenkomst met externe partners circulariteit een plek te geven met een passende KPI.

Suzanne Bonarius, Eigen Haard toont hoe Eigen Haard invulling geeft aan circulair uitvragen.

Vincent Gruis, TU Delft gaat in op de waardering van materiaalstromen en Cirkelstad licht het onderzoek toe naar de beoordeling van circulaire waarde van materialen. 

Woningcorporaties helpen om de komende jaren versneld concrete stappen te zetten naar een circulaire (ver)bouwen. Dat is het doel van het Versnellingslab circulair bouwen, het nieuwe, (meerjarige) leer- en ontwikkelprogramma van Groene Huisvesters, Cirkelstad, Alba Concepts, Aedes en Platform31. Wat het lab jou kan bieden en hoe je als corporatie kunt aansluiten, hoor je tijdens deze sessie.

Deze sessie is ook interessant voor bestuurders.

Klimaatadaptie voor gezond wonen

Het klimaat verandert. Hittestress, droogte maar ook extreme regenbuien komen steeds vaker voor. Dit geeft een risico voor het vastgoed van de corporatie. Schade veroorzaakt door extreem weer is niet altijd verzekerbaar. Naast dit risico is er ook gezondheidsschade. De armste wijken zijn de meest versteende en warmste wijken. Huurders hebben volgens onderzoek Wie houdt het hoofd koel drie keer zo vaak te maken met hittestress vergeleken met andere doelgroepen. Hoe werk je samen aan klimaatadaptatie voor gezond wonen?

Yvonne van Langen, SWZ deelt de aanpak met straatboer waarbij bewoners op een sociale en circulaire manier hun tuinen vergroenen. Nico van der Beek, SWZ gaat in op de samenwerking met de gemeente Zwolle om de wijk Holtenbroek klimaatadaptief in te richten.

Niek Broeze, Explorius gaat namens Openbaar Belang in op het herontwikkelingsproject Weezenlanden-Noord om een hoosbui van 60 mm in één uur in het gebied vast te houden en te bergen. 

Annemiek Wiegman, de gemeente Zwolle belicht de samenwerking. Zowel op project- als beleidsniveau is er een regulier overleg over klimaatadaptatie. Via Climate Campus werken gemeenten, bewoners, waterschap, provincie, corporaties, bedrijven, onderwijs-, en onderzoeksinstellingen samen aan een klimaatbestendig IJssel- en Vechtdelta.

Groene Huisvesters deelt de bouwsteen ‘Klimaatadaptatie’.

Neem jouw huurdersorganisatie mee naar deze sessie en leer van de praktijk!

VvE-aanpak samen besparen

Corporaties hebben woningen in VvE’s met particuliere eigenaren. Voor een huurder zou het niet moeten uitmaken of deze direct van een corporatie huurt of dat de woning onderdeel is van een VvE. In de praktijk blijkt het lastiger te zijn om een woning binnen een VvE te verduurzamen. De Algemene Ledenvergadering van de VvE heeft een belangrijke stem in het besluit óf het gebouw wordt verbeterd en welke maatregelen op welk moment uitgevoerd worden. Daarnaast is de financiering een spannend onderdeel in het proces.

Hessel van der Hoorn, Eigen Haard, deelt ervaringen met het uitfaseren van lage labels in samenwerking met VvE’s. Zij werkt vanuit het programma SaVe (Samen Verduurzamen aanpak). In de afgelopen jaren heeft Eigen Haard een aantal mooie voorbeelden gerealiseerd waarbij optimaal gebruik is gemaakt van financiële regelingen. Benut de leerlessen van Eigen Haard in je eigen praktijk!

Mark Bal, ministerie van BZK gaat in op de VvE-versnellingsagenda verduurzaming. Doel is knelpunten in wet- en regelgeving in relatie tot verduurzaming op te lossen. De agenda ontzorgt gemeenten, appartementseigenaars en VvE-bestuurders bij de integrale verduurzamingsaanpak van het gebouw.

Constan Custers, RVO gaat in op de financiële regelingen die voor VvE’s beschikbaar zijn.

Groene Huisvesters deelt de bouwsteen ‘Woningaanpak labels E, F, G’.

Jaarprogramma 2024 online

Programma Groene Huisvesters Academie 2024

Klik op het programma om je aan te melden. De PDF opent zich en per sessie kun je klikken om je aan te melden.  Aedes stuurt je een bevestiging van je aanmelding direct na aanmelding. De dag voorafgaand aan de sessie ontvang je de link naar de online sessie en de agenda. In 2024 zijn er 20 online sessies, we hopen je ook in 2024 weer te zien bij onze sessies.

Biobased materialen uit eigen regio

Het gebruik van biobased materialen is de toekomst van het (ver)bouwen van onze woningen. Bij biobased bouwen gaat het om de hernieuwbaarheid van de grondstoffen en materialen die geselecteerd worden in de bouw. Samenwerking binnen de keten creëert kansen. Hoe kunnen de bouw en landbouw elkaar helpen om uit de stikstof- en klimaatcrisis te komen? Het toepassen van vezelgewassen van eigen bodem is een mooie innovatieve kans voor de landbouw én voor de bouw.

Van Land naar Pand

Elisabeth ter Borg van Building Balance zoomt in op de Nationale Aanpak Biobased Bouwen. Building Balance voert een 7-jarig programma uit in opdracht van vier ministeries. Het heeft o.a. als doel een transitie in de bouw naar 30% biobased in 2030 te koppelen aan de noodzakelijke agrarische transitie. Building Balance zet een robuuste en zelfstandige markt voor de teelt, verwerking en toepassing van biogrondstoffen in de bouw op. Samen met marktpartijen, overheden en kennisinstellingen organiseert ze met interventies, condities en activiteiten georganiseerd, die leiden tot het versneld gebruik van Nederlandse agrobased grondstoffen (en houtmaterialen) in gebouwen en infrastructurele bouwwerken.

Wonion deelt de ervaringen met het toepassen van biobased materialen uit de regio. Wonion is al 10 jaar bezig met de transitie naar minder en beter materiaalgebruik. Zij participeren als één van de partijen om de regionale circulaire economie een impuls te geven. Met de ketenpartners vormen zij het samenwerkingsverband ‘Samen Biobased Bouwen’. 

Gerrolt Ooijman (bestuurder Wonion) gaat in op de samenwerking in de keten en hernieuwbouw. Barend Wassink (manager Vastgoed Wonion) gaat in op het verduurzamen met biobased materialen in de bestaande bouw. Marcel van Haren, Takkenkamp neemt je mee in het proces van het inblazen van vezels en de certificering hiervan. 


Woningcorporaties helpen om de komende jaren versneld concrete stappen te zetten naar een circulaire (ver)bouwen. Dat is het doel van het Versnellingslab circulair bouwen, het nieuwe, (meerjarige) leer- en ontwikkelprogramma van Groene Huisvesters, Cirkelstad, Alba Concepts, Aedes en Platform31. Wat het lab jou kan bieden en hoe je als corporatie kunt aansluiten, hoor je tijdens deze sessie.

 

Groene Huisvesters delen de bouwsteen ‘Biobased bouwen’.

Deze sessie is interessant voor bestuurders en ketenpartners.

Reeks Bouwstenen lokale prestatieafspraken en betaalbare energielasten

Bouwstenen Lokale prestatieafspraken en betaalbare energielasten

Dit jaar publiceerden we in samenwerking met verschillende corporaties 9 bouwstenen in de reeks ‘Lokale prestatieafspraken betaalbare energielasten’. Deze reeks is gemaakt in opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) in samenwerking met Aedes, Woonbond, het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).

Klik op de boekjes om verder te lezen

‘We zijn pas klaar als alle nieuwbouw houtbouw wordt’

‘We zijn pas klaar als alle nieuwbouw houtbouw wordt’

 

Via het samenwerkingsverband Lente geven Jetske Thielen en Jurgen Arts een impuls aan houtbouw bij Brabantse woningcorporaties. ‘Als je kijkt naar emissie is bouwen in beton totaal onlogisch.’

 

Door: JOOST BIJLSMA6 NOVEMBER 2023
 

‘Wij werken aan een klein beekje dat een grote rivier gaat worden.’ Die metafoor voor de opkomst van houtbouw gebruikt Jurgen Arts, ontwikkelaar van houtbouw-woningprojecten voor woningcorporaties. Hij jaagt deze duurzaamste vorm van bouwen aan in Lente. Dat is een samenwerkingsverband van acht Brabantse woningcorporaties. Samen met ‘reisleider’ Jetske Thielen – en Dirk van den Tillaar van woningcorporatie Area – leiden zij het initiatief Houtbouw Lente. Dit bestaat sinds de documentaire over houtbouw van Tegenlicht in 2019, vertelt Thielen: ‘Die documentaire maakte zoveel enthousiasme vrij dat de corporaties hiermee direct aan de slag wilden. Het was echt een tipping point. Houtbouw ging in een keer van een thema voor kenners naar een thema voor het collectief.’ Arts: ‘De focus in verduurzaming van woningbouw heeft erg lang gelegen bij energie. Pas na de houtbouw-documentaire van Tegenlicht veranderde dit. Vanaf dat moment kijken we veel meer naar de impact van materialen.’

Kickstart

Houtbouw breekt op dit moment door bij de innovatievere woningcorporaties, signaleert Thielen. ‘Dat is mooi want de corporaties kunnen met hun grote aantallen houtbouw een impuls geven.’
Arts: ‘De tijd is er rijp voor. Als je als corporatie naar CO2-neutraal in 2050 wilt, moet je met andere materialen aan de slag. Dat kan alleen door beton- en kalkzandsteenbouw uit te faseren en houtbouw te stimuleren. We moeten onder ogen durven zien wat het betekent om een gebouw in beton te maken: de CO2-uitstoot, de aarde die we open graven, de biodiversiteit die naar de knoppen gaat en de erbarmelijke arbeidsomstandigheden bij de productie van grondstoffen.’

Arts realiseert zich dat juist dit integrale karakter verduurzaming in de bouw kan vertragen. Opdrachtgevers en bouwers weten niet altijd waar ze moeten beginnen. Op het gebied van energie begint dat nu wel te dagen, maar als het gaat om materialen is er nog veel koudwatervrees. Houtbouw kan helpen om die impasse te doorbreken, denkt Arts: ‘Houtbouw is een prachtige kickstart om ook naar andere aspecten van duurzaamheid te kijken, zoals biobased isoleren en gezonde leefomgeving.’

Vliegwiel

Steeds breder worden de grote voordelen van houtbouw gezien. Naast de lage CO2-uitstoot van de materialen zijn er nog wel een paar te noemen. Neem bijvoorbeeld gezondheid en snelheid van bouwen, zeker als je met biobased isolatie en modulair werkt. De eerlijkheid gebiedt daarbij wel te zeggen dat het voorbereiden van de projecten meer tijd vergt dan bij traditionele projecten, vertelt Thielen: ‘Houtbouw is geen kwestie van beton vervangen door hout. Je hebt partijen nodig die er ervaring mee hebben of willen opdoen. Het is innoveren en dat betekent dat je dingen moet uitproberen.’

Arts: ‘Dat nieuwe kan ook intern bij jouw corporatie een nadeel zijn. De kans bestaat dat je tegen onwetendheid of weerstand stuit. Ik ken zelfs een woningcorporatie die het nieuwe als argument tegen houtbouw gebruikt. Zij zeggen: “wij moeten snel veel bouwen van de overheid. We kunnen nu geen tijd verspillen aan innoveren.” Dat is kortetermijndenken. Houtbouwprojecten kosten inderdaad aan de voorkant meer moeite, maar dit betaalt zich aan de achterkant uit. Als we de motor eenmaal aan de praat hebben, gaat het vliegwiel draaien.’

 

Zelfs als je het feit dat hout en biobased materialen CO2 opslaan buiten beschouwing laat, scheelt het in impact al gauw de helft.

Duizend houtbouwwoningen

Houtbouw Lente heeft zich snel ontwikkeld van kennis halen naar kennis delen. Ze startten door in houtbouw geïnteresseerde ontwikkelaars van de corporaties bij elkaar te zetten en extern kennis in te winnen. Zo staken ze hun licht op bij de RVO, Centrum Hout, Studio Marco Vermeulen en het PIANOo Buyer Group-programma, waar ze sinds 2019 mee werken. Vervolgens zijn ze hun aantal houtbouwprojecten snel gaan uitbreiden tot nu twintig voorloopprojecten. Daarmee zullen ze ongeveer duizend houtbouwwoningen realiseren. Het is duidelijk dat ze samen houtbouw in de hoogste versnelling hebben gezet. Thielen: ‘Houtbouw Lente koppelt collega’s van de acht corporaties. Daardoor staan de houtbouwpioniers er niet alleen voor. Ze kunnen met elkaar sparren, bijvoorbeeld over met wie je op bepaalde terreinen kunt samenwerken. Dat kennis delen vindt niet alleen informeel plaats. We proberen dat ook te doen via presentaties en onze website.’
Arts: ‘Op Houtbouwlente.nl vind je onze twintig houtbouwprojecten. Die zijn zeer divers: biobased rijwoningen, modulair gestapeld en grondgebonden, CLT en ook hoogbouw. Die projecten zijn verspreid over de acht corporaties. Zij kunnen bij elkaar de kunst afkijken en hoeven dus niet steeds het wiel opnieuw uit te vinden. Wij zij nu ook begonnen om onze projecten te evalueren, zodat we de informatie nog beter met de buitenwereld kunnen delen. Het eerste voorbeeld is Wonen Zoals van BrabantWonen aan de Mozartsingel in Den Bosch.’

Bezieling

Digitaal kennis delen is aardig, maar niet waar het hart van Thielen en Arts het hardst van gaat kloppen. Dat is bij hen duidelijk de Dag van de Houtbouw, waar belangstellenden een route konden lopen langs houtbouwprojecten in Brabant. Met Houtbouw Lente organiseerden zij dit evenement dit jaar voor het eerst. De bedoeling is dat De Dag van de Houtbouw elk jaar wordt gehouden.
Thielen: ‘Uit de duizend bezoekers die we dit jaar hadden, bleek heel duidelijk hoezeer houtbouw leeft. Dat leidde bovendien tot interne trots bij de corporaties. Ik denk dat het heeft geholpen om weerstand tegen houtbouw weg te nemen.’
Arts: ‘Om houtbouw een impuls te geven moet het accent verschuiven van beheersing naar bezieling. Bij corporaties ligt het accent nu nog erg bij beheersing; doen wat je moet doen. Je wilt dat dit verschuift naar bezieling; mensen inspireren en motiveren. Daarbij helpt zo’n Dag van de Houtbouw. Daar kun je beleven hoe dit soort woningen in werkelijkheid zijn. Je hebt concrete projecten nodig om mensen echt enthousiast te krijgen.’

De enige optie

Houtbouw Lente bouwt graag verder voort op het ontstane enthousiasme. De Dag van de Houtbouw is een blijvertje. Thielen en Arts proberen de acht corporaties ook te verleiden om houtbouw in hun organisatiestrategie op te nemen. Thielen: ‘Het moet een logische optie worden in het duurzaamheids- en circulariteitsbeleid, in de toekomst mogelijk zelfs de enige.’
Arts: ‘We moeten flink opschalen. De in Lente verenigde corporaties hebben samen 100.000 woningen. Zij moeten jaarlijks pakweg 1.500 woningen vervangen. Daarnaast is er een nog grotere jaarlijkse nieuwbouwopgave. Ik schat dat er jaarlijks ruim 3.000 tot 4.000 nieuwbouwwoningen bij moeten. De 1.000 houtbouwwoningen die we nu verspreid over de komende jaren realiseren is daarvan dan nog maar een klein percentage. We zijn pas klaar als alle nieuwbouw houtbouw wordt. Als je kijkt naar emissie is bouwen in beton totaal onlogisch. Zelfs als je het feit dat hout en biobased materialen CO2 opslaan buiten beschouwing laat, scheelt het in impact al gauw de helft.’